Bornse dichter Monique Leegwater wint landelijke prijzen

Uit 270 inzendingen werd haar gedicht als beste gekwalificeerd.

De Plantage poëzieprijs en de Rob de Vosprijs van Meander, twee gerenommeerde awards, sleepte ze dit jaar even binnen. Maar liefst zeven recensenten schreven een lovend beoordelingsrapport en kozen haar gedicht tot de beste inzending!

Ze is nog een beetje onder de indruk. Vanwege corona kon aan de prijsuitreiking geen opsmuk gegeven worden. Maar desondanks is Monique Wilmer Leegwater best een beetje trots op zichzelf. Thuis, in de erker van haar gerieflijke woning op de Bornsche maten, waar ze haar eigen werkplek gecreëerd heeft, vertelt ze over haar grote passie: poëzie. “Ik heb altijd al iets met schrijven en taal gehad. Als kind fantaseerde ik de mooiste verhalen die ik weer vertelde aan jongere kinderen. Die kwamen zo ter plekke in mijn hoofd op.” Monique ontleent haar gedichten dan ook aan beelden die in haar opkomen. “Dat beeld probeer ik dan in woorden om te zetten. Ik ben daarin overigens wel heel kritisch want het moet exact datgene verwoorden wat ik op dat moment zie en voel. Het schrijven van een gedicht kan bij mij weken duren, het is net als koken, steeds weer proeven totdat je de gewenste smaak hebt. Soms kan ik er zelfs niet van slapen. Het blijft me bezighouden!”

Aan de twee genoemde dichtwedstrijden was een thema verbonden. De ene opdracht was gerelateerd aan een kunstwerk van Inge Bak, de andere had als thema: Kringloop. Monique is een natuurmens, ze is erg begaan met de natuur in de breedste zin van het woord en kan zich ontzettend opwinden over de manier waarop de mens met zijn omgeving omgaat. “Hele stukken groen worden opgeofferd aan de bouw van huizen en de aanleg van wegen. Complete wijken worden uit de grond gestampt zonder rekening te houden met de impact die dat heeft op de natuur. En kijk eens naar de dieren, het zijn producten geworden, die binnen korte tijd klaargestoomd moeten worden voor de consumptie!” Onlangs sloot ze zich aan bij de klimaatdichters omdat ze ervan overtuigd is dat dit niet langer zo door kan gaan. “Er gebeuren vreemde dingen, de Noordpool smelt. Welk effect heeft dat op de ijsberen? Er moet nu iets veranderen en gelukkig raken steeds meer mensen hiervan doordrongen.” Deze ondertoon klinkt door in haar poëzie, telkens weer. Als een waarschuwende vinger, die de lezer wil overtuigen van het gevaar dat op de loer ligt, het is vijf voor twaalf!

Juist wanneer je denkt te kunnen rusten, schrik je
op. Het zagen, het knappen van de stammen, de
vluchtige vogels. Een steltloper op het platte dak.

Met name de metafoor van de steltloper die normaal in het water loopt, roept een schrikbeeld op. “Er zweven altijd beelden en woorden door mijn hoofd. Vaak maak ik aantekeningen, die ik later dan weer gebruik in mijn verzen. Het is een bepaalde emotie voor wat er om heen gebeurt.” Dat is zeker te vinden in haar andere winnende gedicht: Langs landerijen, waarin de dichter de veetransporten hekelt.

Nee, dan morgen. Morgen. De wagens zouden weer langs onze huizen rijden. Daarin het schuifelen. Het zachte bonzen. De snuiten….

Monique houdt zich behalve met het schrijven ook bezig met het organiseren van poëzieavonden, die onder meer in het Kulturhus gehouden worden. Regionale en Bornse dichters komen er hun werk voordragen waaronder oud burgemeester Cees Brekelmans. “Jammer dat dit nu niet door kan gaan vanwege corona, we moeten zelf aan de weg blijven timmeren als dichters, want er is zo weinig aandacht voor poëzie. Bovendien is de markt erg klein. Wat dat betreft ben ik heel erg blij dat de Nobelprijs nu toegekend is aan een Amerikaanse dichter. Dat betekent meer erkenning voor de poëzie.” Ooit wil ze zelf haar eigen dichtbundel op de markt brengen, dat doel heeft ze zichzelf gesteld. Nu worden haar gedichten gepubliceerd in verzamelingsedities samen met andere dichters uit het land. Dat levert haar al de nodige bekendheid op. Zoals haar inbreng in de Groningse fietsroute Dichters in de Prinsentuin, een evenement dat zelfs online ging. Op diverse locaties worden dan gedichten voorgedragen. “Ooit breng ik een eigen bundel uit!” mijmert ze.

Tekst en foto: Annemarie Haak
met dank aan de Bornse Courant